Door: Anna Karolina Caban
Ik zie op een flink verweerd stuk papier afbeeldingen van mezelf. Dit zijn geen recente kopieën van foto's. Dit is van jaren geleden.
Het stuk papier is duidelijk meerdere malen bekeken en gevouwen, want je kan nauwelijks mijn gezichtsuitdrukking erop zien. Dat hij ze heeft gezien is niet gek, ze zijn openbaar en wie doet er tegenwoordig geen deepcheck naar iemand die hem interesseert? Maar waarom heeft hij ze uitgeprint en loopt hij ermee rond? Dat is de vraag.
'Hey, kom je nog?'
Ineens staat hij voor me. Waterdruppels glinsteren op zijn huid als fonkelende diamanten. Alles in mijn lichaam zegt dat ik moet rennen, maar ik kan me met geen millimeter verroeren. Ook al zegt een stemmetje binnenin me dat hier iets niet helemaal goed zit, een andere donkere stem fluistert tegelijkertijd in mijn oor dat wegrennen laf zou zijn omdat hij mij blijkbaar zodanig interessant vindt dat hij de moeite heeft genomen om afbeeldingen van mij uit te printen en met zich mee te dragen.
Ik adem diep in en uit. Wat weten we eigenlijk van een ander? Laten we eerlijk zijn. Ik verbaas me over mezelf nog bijna iedere dag. Laat staan dat ik kan denken dat ik een ander persoon helemaal kan doorgronden en zijn of haar beweegredenen kan uitzetten in een overzichtelijk patroon.
Ik slik.
Adem nog een keer flink in en uit en stel mezelf heel duidelijk de vraag: Arzu, wat ga je doen? Ga je weg, of blijf je?
'Wacht,' zeg ik wanneer hij zich weer richting het meer omdraait en ik het geluid van zijn voeten in het water hoor stappen.
Mijn onderbuikgevoel vertelt me dat hier iets belangrijks aan het gebeuren is. Het zal niet zo zijn dat ik de man op Ibiza tegengekomen ben, de meest magische ontmoeting met hem heb beleefd, onze zielen eindelijk het gevoel hadden hun wederhelft te hebben gevonden en dat hij nu ineens een freak blijkt te zijn die als een heuse stalker foto’s van mij bij zich draagt en mij iets aan wil doen.
Nee, dit is niet het verhaal.
Dat voel ik.
Die foto's hebben een andere verklaring en als ik nu wegga, zal dat mij iedere nacht wakker houden. Als ik antwoorden wil op vragen, moet ik blijven.
Met slechts mijn lingeriesetje aan laat ik me langzaam in het verkoelende water zakken. Zijn ogen wijken geen haarbreed van mijn aanblik. Zijn blik verduistert en lijkt nu net zo diepblauw/grijs als het water.
‘Mag ik je aanraken?’ vraagt hij hees en zwemt verleidelijk mijn kant op. Zijn blik lijkt wel die van een alligator die zijn prooi in het zicht heeft.
Zijn vraag verbaast me, omdat we zonet een wel zeer wilde kus hebben gedeeld en hij weet hoeveel indruk onze ontmoeting op Ibiza op mij heeft achtergelaten. Mij aanraken lijkt me het meest voor de hand liggende dat hij nu kan doen.
Ik kijk hem strak aan.
Mijn laatste poging om te achterhalen of ik deze vreemdeling wel kan vertrouwen. Zachtjes knik ik ter goedkeuring.
Zijn rechtermondhoek krult een klein beetje omhoog en hij komt nu met zijn torso boven water voor mij staan.
Ik voel zijn handen op mijn heupen. Hij trekt me naar zich toe en de bult tussen zijn benen drukt hard tegen mijn onderbuik aan. Alles aan dit voelt gevaarlijk, nieuw en fucking spannend. Mijn hart bonst in mijn keel. Voor de tweede keer zet hij de aanval in en drukt zijn sterke lippen op de mijne. Als vanzelf open ik mijn mond onder de kracht van zijn kus.
Het water om ons heen lijkt heviger te golven. Alsof de omgeving beïnvloed wordt door de intensiteit van ons samenzijn. Ik hijg van opwinding. Zijn tong maakt me helemaal gek en vooral week in mijn benen. Voor ik het weet, ondersteunt hij mijn billen met zijn grote handen en tilt hij me op. Ik vouw mijn benen rondom zijn middel en ben me bewust van mijn begeerte naar hem, als ook van het kleine stukje stof dat zijn stijve tegenhoudt om in me te glijden.
Het is te vroeg. Daarvoor is het zeker nog te vroeg. Ik moet eerst weten wat de foto's betekenen, wil ik mezelf geven aan deze man. Maar nu, in dit moment, op dit privéstrandje waar wij de enige twee overlevenden op aarde lijken, zou ik niks anders willen dan versmelten en mezelf overgeven aan het magische moment.
Ik laat mijn hoofd naar achteren hangen en duw mezelf dichter tegen hem aan. Hij is inmiddels zo hard dat ik bijna bang ben voor het apparaat dat hij rijk is.
'Pijp me,' gebiedt hij ineens streng en ik zou zweren dat er een stukje binnenin mij losscheurt en mijn lichaam doet gloeien vol onbegrensde honger en begeerte.
Wordt vervolgd.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))