Door: &C Redactie
Bruine schouders, witte bandjes en tanlines om trots op te zijn. Op TikTok vieren twintigers massaal hun zomerse teint. Best opvallend voor een generatie die als geen ander weet wat UV-straling met je huid doet. Waarom blijft zongebruind toch zo’n verleidelijk schoonheidsideaal?
‘Mama heb ik al tanlines?’ Mijn veertienjarige dochter ligt in de tuin en schuift het bandje van haar bikini opzij, waar haar lichter gekleurde huid zichtbaar wordt. Trots maakt ze een filmpje met haar telefoon en post het op Snapchat voor haar vriendinnen. Het doet me denken aan mijn eigen tienertijd. Uren lag ik op het strand met als doel zo zongebruind mogelijk te worden. In het voorjaar smeerde ik me nog braaf in om niet te verbranden, maar zodra het ergste wit verdwenen was, verruilde ik zonnebrandcrème voor snelbruiner: een vettige substantie die naar kokos rook. Of voor Zwitsal babyolie. Een gebruinde huid was het bewijs voor een geslaagde zomer.
#tantok
Aan dat ideaal lijkt nu, bijna dertig jaar later, opmerkelijk weinig veranderd. Volgens recent onderzoek van de American Academy of Dermatology gaf 70 procent van de gen Z-respondenten aan afgelopen zomer bewust voor een gebruinde huid te hebben gezorgd door in de zon te liggen. 37 procent zegt alleen zonnebrandcrème te gebruiken wanneer anderen hen eraan herinneren en 28 procent vindt een kleurtje belangrijker dan het voorkomen van huidkanker.
Ook op TikTok komen opvallend veel posts en filmpjes over tannen voorbij. Onder de noemer #tantok posten tieners en twintigers filmpjes met tanlines, en delen tips hoe je het snelst bruin kunt worden. De UV-index, bedoeld om te laten zien op welke dag er het meeste risico is op huidschade, wordt juist gebruikt als graadmeter voor de beste bruiningsomstandigheden: hoe hoger de index, hoe sneller resultaat.
Uit data van Google Trends blijkt dat het zoekverkeer naar ‘tanning’ op het hoogste niveau in de afgelopen vijf jaar zit. Ook in Nederland luiden dermatologen de noodklok. Hoe komt het dat een gebruinde huid, ondanks decennia aan waarschuwingen over de risico’s, zo’n hardnekkig schoonheidsideaal blijft?
Chanels schuld?
Er bestaat een hardnekkige mythe dat modeontwerpster Coco Chanel hoogstpersoonlijk verantwoordelijk was voor de opkomst van de gebruinde huid als schoonheidsideaal. Toen ze in de jaren twintig diepgebruind terugkeerde van een vakantie aan de Franse Rivièra, zouden vrouwen haar massaal zijn gaan kopiëren. Maar volgens sociaalwetenschapper Jolanda Veldhuis van de Vrije Universiteit ontstaan schoonheidsidealen niet zomaar. Ze zijn altijd verbonden aan bredere maatschappelijke patronen. Tot het einde van de negentiende eeuw was juist een witte huid een statussymbool. Arme mensen werkten buiten op het land en kleurden daardoor meer dan welgestelde vrouwen uit hogere klassen die vooral binnenshuis bleven. De bleekheid van je huid werd daardoor een middel om te laten zien hoe goed je het had.
Dat veranderde toen arbeiders steeds vaker in fabrieken gingen werken en daardoor juist bleker werden, terwijl rijke mensen meer gingen reizen. Er ontstond een jetset die gebruind terugkwam van cruises over de Middellandse Zee en vakanties naar exotische bestemmingen. Schoonheid werd steeds meer gekoppeld aan vitaliteit: vrouwen gingen sporten, tennissen en kortere rokken dragen. Een gebruinde huid werd het zichtbare bewijs van een actief en gezond leven.
Baywatch-bruin of heroin chic
In de decennia daarna, toen vliegreizen steeds goedkoper werden, werd zongebruind zijn steeds meer iets voor de massa. Een vakantie was pas echt geslaagd als je met een kleurtje terugkwam. En hoewel de mode bleef schommelen tussen verschillende idealen, van Pamela Andersons Baywatch-bruin tot het bleke heroin chic van Kate Moss, bleef één gedachte opvallend overeind: een gebruinde huid oogt gezond, aantrekkelijk en vitaal.
‘Die positieve associatie met bruin worden bestaat in de westerse wereld nog steeds,’ zegt Veldhuis. ‘Wat we uit onderzoek weten, is dat jongeren een gebruinde huid nog steeds koppelen aan welzijn, zelfvertrouwen en aantrekkelijk gevonden worden.’ De dominantie van de ‘Noord-Europese schoonheid’ – de dunne blonde vrouw – neemt af. Etnisch gemixte schoonheidsbeelden, zoals die van Gigi en Bella Hadid en Kim Kardashian, bepalen steeds vaker het ideaalbeeld. Daarin speelt een ander huidtype mee: niet meer extreem bleek, maar juist brons of goudbruin.
‘Gewoon mooier’
Hoe sterk die associatie nog altijd is, blijkt ook uit gesprekken met jongeren zelf. Lydia (21), student bedrijfskunde in Amsterdam: ‘Al mijn vriendinnen hebben een tan bed en vorig jaar deden we een wedstrijd wie het snelst een tanline kreeg.’ Ze weet heus wel dat in de zon liggen op langere termijn niet zo gezond is. ‘Wanneer we vroeger op de basisschool buiten gingen spelen, moesten we ons klassikaal insmeren. Maar je ziet er gewoon een stuk mooier uit met een gebruinde huid. Het is ook niet dat ik geen zonnebrand gebruik. Maar als ik eerlijk ben, doe ik dat vooral omdat ik een verbrande huid heel lelijk vind. Niemand post een rood-witte tanline.’
De rest van het verhaal lees je in &C's nieuwste editie 'Ik ben er even niet'.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))