Door: Redactie
Als kind kwam vriendschap vanzelf. Nu schijn je er een kaartje voor te moeten kopen. Kimberley van Heiningen ging namelijk speed friending. Dat bleek even ongemakkelijk als succesvol.
Matchpotentieel
Van tevoren heb ik zenuwen. Alsof ik op date ga. Maar ook alsof ik zo een sollicitatiegesprek heb. Ik heb mijn nieuwe Adidas-broek aan en een oversized colbert. Lang genoeg over nagedacht om eruit te zien alsof ik er niet over heb nagedacht. Ik wil een goede indruk maken. Maar wat is dat eigenlijk, een goede indruk als vriendin? Mijn bestaande vrienden kennen me al jaren. Weten dat ik uren kan ouwehoeren over B&B vol liefde, maar óók over de zin van het leven. Dat ik spontaan kaartjes stuur, maar ook weleens je verjaardag vergeet. Hoe wil ik mezelf in tien minuten in de markt zetten?
Onderweg bedenk ik waar ik bij de ander op ga letten. Woont iemand dichtbij? En waar ligt de kilometergrens voor vriendschap eigenlijk? Een halfuur rijden voelt redelijk. Daarna begint het verdacht veel op mijn bestaande vriendschappen te lijken. Maken looks uit? Een beetje wel. Zoek ik iemand die op me lijkt? Iemand die me een beter mens maakt? Ben ik te veeleisend? Onderzoek laat namelijk zien dat we naarmate we ouder worden kritischer worden in wie we toelaten. Tegelijkertijd vraagt vriendschap tijd. Veel tijd. Zo’n vijftig uur voordat iemand van kennis naar vriend verschuift en meer dan tweehonderd uur voor een hechte vriendschap. Niet gek dus dat sommige van mijn beste vriendschappen ontstonden met mensen met wie ik samenwoonde. Tweehonderd uur haal je daar ergens tussen het tandenpoetsen en avondeten door. Wij krijgen tien minuten.
Het concept van speed friending is simpel. We krijgen een kaart waarop we namen en zogenaamde fun facts kunnen opschrijven, schuiven iedere tien minuten een stoel op en vullen na afloop online in met wie we een match voelen. Is dat gevoel wederzijds, dan pas krijg je elkaars gegevens. Ik ben de enige met drie jonge kinderen. ‘Drie?!’ Er wordt wat moeilijk bij gekeken. Ik besluit meteen een beetje tactisch te werk te gaan. Niet te veel over mijn kinderen praten. Dus tegen de reislustige M., met nog een jetlag vanuit Australië, vertel ik over alle reizen die ik maakte voordat ik kinderen kreeg. Met H. gaat het over wijn. We maken ook elkaars zinnen af. Omdat het klikt of omdat we allebei voorspelbaar zijn? Tussen N. en mij gaat het stroever. Er ligt een stapel Gespreksstarters: kaartjes met vragen voor als de stilte ongemakkelijk wordt. Ze pakt er vrijwel direct één. Doet ze dit bij iedereen? Of loopt het alleen met mij niet vanzelf? Omdat zo’n kaartje vraagt waarmee ik mezelf laatst heb verrast en ik sportschool antwoord, voer ik vervolgens een heel gesprek over sporten. Ik praat normaal nooit over sporten. Zij blijkbaar ook niet, want ze matcht me later niet.
Halverwege de avond bekruipt me het gevoel dat ik een iets te rooskleurige versie van mezelf verkoop. Eentje met meer tijd, meer spontane plannen en een minder druk gezinsleven. Tegen M. ben ik iemand die liever vandaag dan morgen die backpack weer ophijst. Bij H. ben ik amateursommelier. En dankzij zo’n gespreksstarter ineens een fitgirl in wording. Iedere tien minuten ontmoet ik een nieuw persoon en een nieuwe versie van mezelf. De eerste gesprekken gaan over werk, hobby’s en of iemand dit vaker doet. De avond vordert en ik word losser. Cv’s worden vaker achterwege gelaten. Het gaat over verhuizingen. Relaties die eindigden. Vrienden met kinderen die altijd ziek zijn op de datumprikkerdag. Een vrouw bekent dat ze zich schaamde om te komen. Een ander twijfelde de hele dag of ze wel moest gaan. Met de meeste vrouwen zou ik zonder moeite nog een uur kunnen doorpraten. Maar een leuk gesprek is nog geen vriendschap, en ik moet ook nog kiezen. De ervaren speedfriender weet dat je daarom fun facts onder de namen op je kaartje moet schrijven. Ik vind dat onzin. Alsof ik niet gewoon onthoud wie die vrouw was die mijn zinnen afmaakte en wie die ander was die net terugkwam uit Australië. Dus ontwikkel ik mijn eigen systeem: een smiley voor iedereen die ik leuk vind. Niet waterdicht. Een ontbrekende smiley valt op, dus geef ik er veel. Sommige uit overtuiging. Andere uit beleefdheid. Welke welke waren, weet ik na twaalf vrouwen alleen niet meer.
Friend material
De volgende dag moet ik voor zes uur ’s avonds mijn matches doorgeven. Shit. Hoeveel vrouwen zal ik aankruisen? Sommigen vallen direct af. De vrouw die alleen maar over haar werk praatte, bijvoorbeeld. En iemand voor wie ik buiten de spits om al een uur onderweg zou zijn. De meesten vind ik leuk, maar eigenlijk hoop ik vooral op een match met H.
Of Kimberley een match had met H. en met nieuwe vriendschappen eindigde? Het hele verhaal lees je in &C's nieuwste editie 'Ik ben er even niet'.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))