Door: Redactie
De hond mee naar je werk, een vaste oppas voor de poes (anders krijgt ze stress) en een teckel die thuis de baas speelt. Ligt het aan journalist Karin Rus of worden huisdieren steeds vaker als kinderen behandeld?
Mark en Erik hebben ruim vijf jaar een relatie. Toen ik ze leerde kennen, was ik zwanger van mijn tweede zoontje en tijdens de kraamvisite spraken we voor het eerst over hun kinderwens. Ze wilden graag vaders worden, maar dat was logistiek nogal een gedoe. Gesprekken over co-ouderschap met eerst een lesbisch stel en later een alleenstaande vrouw liepen uiteindelijk op niets uit. Ook was er de twijfel: willen we ons vrije leven wel echt opgeven? Een middagje of avondje met mijn kleine nachtbrakers en mij bleek elke keer een realitycheck.
En nu hebben Mark en Erik een puppy. Labradoodle Baxter is sinds een paar maanden hun lust en hun leven. Zodanig zelfs dat ik me af begin te vragen of ze met een kind ooit zo blij waren geweest. 'Wie heeft er een baby nodig als hij een hondje heeft?', zei Erik vorige week lachend, terwijl hij zijn kleine schat op schoot nam. Ik vermoed een sterke kern van waarheid in deze grap.
Huisdieren opvoeden
Nederlanders krijgen steeds minder kinderen. Het CBS meldt dat het gemiddeld aantal kinderen per vrouw is gekelderd van 3,1 in 1965 naar 1,4 in 2023. Dit historische dieptepunt wordt deels veroorzaakt doordat steeds meer mensen ervoor kiezen helemaal geen kinderen te krijgen. Wat - in tegenstelling tot ons menselijk nageslacht - wel toeneemt, is het aantal huisdieren. In 2023 hadden ongeveer vijf miljoen huishoudens er één of meer, in totaal gaat het om meer dan 33 miljoen exemplaren, variërend van aquariumvis tot woestijnrat. Vooral honden (1,9 miljoen) en katten (zo'n drie miljoen) zijn populair. Ter vergelijking: Nederland telde in 2023 zo'n 700.000 kinderen onder de vier jaar.
Verschillende psychologen verklaren de verschuiving van kind naar beest vanuit de menselijke behoefte om te zorgen. Uit een onderzoek dat in mei 2025 werd gepubliceerd in wetenschappelijk tijdschrift European Psychologist blijkt dat mensen het opvoeden van huisdieren net zo waardevol vinden als het opvoeden van kinderen. Zo kun je ook zonder baby volop genieten van zorgtaken.
Veel hondeneigenaren, aldus de onderzoekers, gebruiken opvoedstijlen die te vergelijken zijn met die van 'echte' ouders. De een is heel toegeeflijk, de ander juist streng of zelfs een tikkeltje autoritair. Ook begrijpen baasjes - net als ouders - wat hun oogappel bedoelt met bepaalde geluiden of een verandering in gedrag. Qua intelligentie zijn volwassen honden te vergelijken met baby's en peuters. Ze reageren op mensen: op onze stemming, onze toon en wat we doen. Als je het gevoel hebt dat je hond extra lief voor je is als je verdrietig bent of blij wordt van je enthousiasme: dat klopt dus.
Sommige mensen weten hun zorgbehoefte te stillen met behulp van een tijdelijk huisdier. Freya (32) zou dolgraag een hondje willen, maar heeft er door haar drukke baan geen tijd voor. Daar heeft ze wat op gevonden: leenpuppy's. Er zijn blijkbaar apps waar mensen met puppy's - en met volwassen honden, maar die blieft Freya niet - oproepjes plaatsen om de zorg een beetje te delen. Kun je als babyhondenouder tenminste ook nog een keer een dag op kantoor werken, een avond uit eten of een weekendje weg. Freya: 'Mensen lijken zich niet te realiseren dat je puppy's niet alleen kunt laten. Ik vind een weekend voor zo'n ukkie zorgen hartstikke leuk. Voor mij is dit ideaal: als ik tijd heb is er altijd een knuffelig beestje te regelen en als ik druk ben, heb ik er geen kind aan.'
Gemis compenseren
Hoe we met onze huisdieren omgaan, lijkt te veranderen. Een paar weken nadat ik op mijn achttiende naar Amsterdam verhuisde, ging ik langs bij het dierenasiel. Toen het eerste kooitje openging, sprong kater Geert - groot, zwart en met een stoere miauw - zo in mijn armen. Het bleek al snel een match made in heaven. Hij kroop bij me op de bank als ik me slecht voelde, kwam altijd als ik hem riep en verjoeg zelfs een keer een inbreker. Ik nam hem mee toen ik met mijn vriend ging samenwonen en toen we jaren later uit elkaar gingen, was Geert uiteraard onderdeel van mijn helft van de boedel. Als ik een paar dagen wegging, gaf de buurvrouw hem eten. Een hele week gebeurde ook weleens.
Dat waren andere tijden, want toen mijn vriendin en kattenmoeder Esther (31) dit later hoorde, vond ze het 'schandalig'. Zij heeft voor poes Pluis-Tijger een vaste oppas die blijft slapen als Esther er niet is. Haar knuffelige huisgenoot zou ze nooit een hele nacht alleen laten. Over die week kan ze echt boos worden: 'Dat doe je toch niet?'
Lees ook: Ik wil iemand die durft te blijven, met alle angsten en paniek
Wij mensen waren niet altijd zo close met onze dieren. Die ontwikkeling komt mede doordat de maatschappij steeds individualistischer wordt, maar de behoefte aan sociaal contact blijft. Ik praat erover met gezondheidspsycholoog en universitair hoofddocent bij de faculteit Diergeneeskunde Nienke Endenburg: 'Als er minder contact is met mensen, worden dieren belangrijker. We hebben ze nodig om een gemis te compenseren. In coronatijd zag je dat duidelijk gebeuren: mensen mochten niet met elkaar afspreken, dus gingen we en masse over op de aanschaf van een hond of kat.'
Samenleven met een dier levert ons behoorlijk wat op. Knuffelen met je huisdier zorgt voor een vergelijkbare oxytocineboost als fysiek contact met een ander mens. Nienke: 'Dieren geven steun. Onderzoek laat zien dat gebrek aan sociaal contact nog slechter voor ons is dan ongezond eten, roken of alcohol drinken. Sociaal contact is geen luxeproduct, maar een eerste levensbehoefte en een huisdier kan die rol heel goed vervullen.'
Verhuizen voor Bobbie
Geert is inmiddels hemelen. Van de grote kater die ‘s nachts het liefst op mijn kussen in innige omhelzing met mijn hoofd sliep, was na achttien jaar samen weinig meer over. Eten interesseerde hem nauwelijks nog, zijn ademhaling piepte, ik zat elke paar weken bij de dierenarts. Die opperde uiteindelijk voorzichtig wat ik al een tijdje zag aankomen, maar tot dusver had weten te ontkennen: 'Het is denk ik beter hem in te laten slapen, hij gaat alleen maar verder achteruit.'
Ik ben niet iemand die snel huilt, maar toen stroomden de tranen zo hard over mijn wangen dat de assistente een stoel voor me ging halen. Kortom: ik hield zielsveel van dat beest. Vriendin Esther trekt dat door mijn 'gebrekkige zorg als je er zelf niet was' (haar woorden) behoorlijk in twijfel. Geert leek er zelf niet zoveel van te vinden als ik weg was en lag gewoon lekker te dutten als ik weer thuiskwam. Toch voel ik me met terugwerkende kracht een beetje schuldig.
Maar of Karins schuldgevoel nodig is, wat mensen allemaal over hebben voor hun huisdier en waar de juiste balans ligt? Je leest het hele verhaal - dé coverstory - in &C's oktobernummer 'Purrfect love' dat nu in de winkels ligt, of bestel 'm hier online:
Shop &C's nieuwste editie hier
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))