Door: &C Redactie
Marianne van der Steen is professioneel ijsklimmer. ‘Mijn lichaam levert topprestaties. Dat lijkt me een mooier ideaalbeeld dan per se dun moeten zijn.’
Marianne (42): ‘Ik heb meerdere keren de Worldcup ijsklimmen gewonnen en ben nummer 1 van de wereld. Hoewel ik trots ben op mijn prestaties, ligt de focus vaak op mijn lijf. Ik heb heel brede schouders, ben heel gespierd, ‘te gespierd’ volgens sommigen, tegelijkertijd kan je mijn ribben tellen. Ik ben nogal grof gebouwd en ik heb behoorlijke biceps. Daar ben ik trots op, want die heb ik elke dag nodig. Maar soms vind ik het confronterend dat ik niet ‘de perfecte maat’ heb. De gemiddelde klimmer hoort licht te zijn. De meesten wegen vijftig kilo. Als vrouw word je naar een ideaalplaatje geduwd, al helemaal in de klimwereld. Licht zijn is een hot topic. Hoe minder gewicht je mee omhoog hoeft te sjouwen hebt, hoe makkelijker het is om omhoog te komen. ‘Ze zou beter kunnen klimmen als ze lichter zou zijn,’ zeggen ze dan. Maar toch ben ik nummer 1 van de wereld. Hoe verklaar je dat dan? Als je lichter bent, ben je niet per se beter of gezonder. Een kledingsponsor die ik een tijdje had, stuurde me standaard kleding op in de verkeerde maat. Meerdere keren gaf ik aan dat ik maat 42 boven heb, maar toch ging het telkens mis. Mijn heupen zijn supersmal, maar omdat mijn dijbenen veel dikker zijn, pas ik maat 38 jeansbroeken niet. Voor een klimmer heb ik enorme benen; groot, zwaar en breed. Mijn kuiten zijn te dik om in een broek te passen met mijn heupmaat. Meestal draag ik leggings, want die passen wel door de stretch. Ik kan ook niet zomaar badkleding kopen. Online een bikini kopen doe ik nooit. Meestal ga ik zelf naaien en knutselen; als er een touwtje of koordje in zit, komt het wel goed. Dat met die kledingsponsor bleef zich herhalen, waardoor ik het sponsorcontract heb opgezegd. Dat deed ontzettend veel pijn. Alsof mijn lijf er niet mocht zijn. Soms ging ik aan mezelf twijfelen. Mag ik er wel zijn in de klimwereld? Verdien ik zo’n prijs wel? ‘Je bent ook wel een beetje aan de grove kant,’ heb ik regelmatig gehoord. Waarom zijn we zo gefixeerd op het uiterlijk en niet op het kunnen van een lichaam? Mijn lichaam levert topprestaties en heeft ontzettend veel kracht. Dat lijkt me een mooier ideaalbeeld dan per se dun moeten zijn. Omdat ik wel dun ben, werd ik vorig jaar door een mede-atleet beschuldigd van het hebben van anorexia. Ik moest verplicht een medisch onderzoek laten doen om mee te mogen doen met de wedstrijden. Ik weet dat ik geen anorexia heb, maar toch voelde het enorm confronterend. Uiteindelijk vond de organisatie dat ook, en werd een deel van het onderzoek gecanceld. Vroeger werd ik gepest omdat ik zo sterk ben, nu zie ik in hoe gaaf het is. Als herinnering aan het winnen van de Worldcup heb ik een kleine tattoo op mijn biceps laten zetten: 26kN, het jaartal 2026 en kN voor kilonewton, de natuurkundige notatie voor kracht. Inmiddels ben ik ook coach voor het Nederlands jeugdteam ijsklimmen. Daar zitten ook een paar jonge meiden tussen. Een van de dingen die ik hen wil meegeven is zelfliefde. Je maat zegt niks over je eigenwaarde.’
De andere interviews met vrouwen met maat 42 lees je deze maand in &C's nieuwste editie 'Ik zie, ik zie'.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))