Door: Lisa Loeb
Er was een tijd dat je precies wist wanneer je ongezond bezig was. Je stond in een tl-verlichte snackbar tegenover een norse man in een te krappe witte jas, terwijl achter hem drie berenklauwen langzaam lagen te verschrompelen onder een warmtelamp. Je bestelde een patatje oorlog en niemand in die ruimte, inclusief jijzelf, verkeerde onder de illusie dat je bezig was met je darmgezondheid.
Ik mis die tijd.
Want deze week bleek uit cijfers van het CBS dat het aantal fastfoodzaken in Nederland de afgelopen twintig jaar weliswaar bijna is verdubbeld, maar dat die enorme groei niet zit in de klassieke buurtsnackbar. Het aantal klassieke Nederlandse frituurzaken is de afgelopen jaren juist gekrompen. Terwijl wij nog altijd denken dat ongezond eten eruitziet als een kroket uit de muur, heeft junkfood ondertussen een volledige rebrand ondergaan.
Fastfood is tegenwoordig niet meer een afgekoelde frikandel, maar op TikTok gehypete kaneelbroodjes waar een halve pot pistachecrème overheen is gegoten, donuts die geserveerd worden in winkels die eruitzien als designerboetieks, en milkshakes met meerdere scheppen proteïnepoeder erin waardoor het zogenaamd geen snacks meer zijn, maar fitness.
Vergelijk dat met de branding van een frikandel: die ligt daar gewoon. Er staat geen bordje naast waarop hij wordt omschreven als Dutch heritage protein roll. Niemand serveert hem op een handgemaakt keramieken bord met wat ingelegde venkel en 'onze huisgemaakte truffelmayo'. Hij wordt niet voor negen euro verkocht in een minimalistisch doosje waarop 'GOOD MOOD FOOD' staat.
En dan hebben we het nog niet eens over eten dat vroeger alleen genuttigd werd op momenten waarop je beoordelingsvermogen sowieso al ernstig was aangetast. Om drie uur 's nachts na zes bier een kapsalon bestellen, was ooit een bewuste daad van zelfdestructie. Tegenwoordig kun je hem om kwart over drie 's middags met twee duimbewegingen naar je voordeur laten komen omdat je een zware Zoom-meeting hebt gehad.
Het wonderlijke is dat de politiek ondertussen al jaren praat over een zogenoemd 'snackbarverbod' waarmee gemeenten de komst van nieuwe ongezonde voedselzaken rond bijvoorbeeld scholen moeten kunnen tegengaan. Een snackbarverbod. Alsof onze kinderen massaal ten onder gaan aan één man genaamd Henk die sinds 1987 vanuit hetzelfde pand kroketten staat te bakken. Het probleem ligt volgens mij ergens anders, bij de multinationals die ontdekt hebben dat je ongeveer alles gezond kunt laten vóélen zolang je het maar in een beige verpakking stopt, er pistache overheen strooit en het door iemand op TikTok laat eten na een pilatesles.
De frikandel heeft nooit beweerd dat hij goed voor je was. Hij beloofde geen energie, balans of betere versie van jezelf. Hij beloofde hooguit dat je hem voor vijftig cent extra speciaal kon maken. Misschien is dat wel het beste aan de snackbar: je weet precies waar je aan toe bent.
:quality(85))