Door: Chantal Janzen
Mensen die zeggen dat ze nooit liegen, liegen.
Liegen. Als kind dacht ik vaak: waarom zou je het níét doen? Het maakte dingen gewoon simpeler. Geen lastige gesprekken, geen drama. En toch... als ik ergens over loog, ging het altijd mis. Op de middelbare school spijbelde ik weleens. Ik deed havo voor muziek en dans, een heftige combi. Ik was vaak gesloopt, had overal spierpijn en was doodmoe van al dat gedans. En dan had je nog je huiswerk. Als ik erdoorheen zat, meldde mijn moeder me na wat gezeur ziek. Maar dan stond er een paar dagen later een leraar voor me: 'Gaat het weer een beetje?' En dan zei ik: 'Huh, waarmee?' Ik was het allang vergeten, want ik was helemaal niet ziek.
Bij ons thuis was eerlijkheid de norm. Op het irritante af. Mijn ouders zeiden altijd: 'Je hoeft je niet te schamen als je iets niet kan, of iets niet durft, of als je echt niet meer kunt. Zeg gewoon wat er aan de hand is, ga het gesprek aan. En over ziek zijn lieg je niet.' Vond ik bloedirritant. Vooral als puber. Dan dacht ik: jezus, meld me gewoon ziek. Want een gesprek duurde tien keer langer dan een leugentje.
Als iets niet uitkomt of als ik moe ben, kan ik best liegen tegen mijn kinderen. Zeker tegen Bobby, vooral toen hij jonger was. 'De speeltuin of winkel is niet open vandaag, lieverd.' Of: 'Skylar zijn mama zegt dat het zwembad dicht is.' En dan keek ik nog even heel serieus op m'n telefoon om het te 'checken'. 'Ah, ja, hier staat het: dicht.' Helaas kan hij nu lezen. Jammer. En klokkijken. Ook jammer. Dus sinds hij zeven is, wordt er een stuk minder gelogen bij ons thuis.
Er zijn ook momenten waarop ik bewust níét lieg, terwijl dat het wel makkelijker had gemaakt. Zoals die keer dat mijn man met onze oudste zoon naar Amerika wilde, omdat zijn oudste dochter net was bevallen van haar eerste kind. Het was een week voor de zomervakantie, en ja, je kúnt je kind dan ziekmelden. Maar ik durfde dat niet. Niet alleen omdat ik bekend ben en het nogal pijnlijk is als iemand je spot op Schiphol, ook omdat ik inmiddels steeds vaker net als mijn moeder denk: je moet het gewoon zeggen. Dan maar het risico lopen dat iemand nee zegt. Want zoals mijn ouders dan altijd zeiden: 'Over ziek zijn lieg je niet.' Uiteindelijk heb ik James netjes afgemeld.
Dat klinkt nu heel verstandig, maar ik heb ook momenten gehad waarvan ik achteraf denk: oei, dit had ik beter anders kunnen aanpakken. Op mijn eenentwintigste maakte ik een relatie uit. Ik bezwoer toen dat ik niet verliefd was geworden op een ander. Terwijl dat dus wel zo was. En daar kwam hij achter. Dat moest hij lezen in Story, want er waren paparazzifoto's gepubliceerd. Achteraf dacht ik: was ik nou maar eerlijk geweest. Ik voelde me ontzettend schuldig. En dat is precies het ding: als je liegt, moet je óók de rommel opruimen, op de blaren zitten, schuld bekennen.
Wat overigens ook niet lukte toen ik met Carlo Boszhard in Saturday Night Fever speelde. We deden acht shows in de week, mensen vielen bij bosjes neer: blessures, vermoeidheid, understudy's van understudy's stonden zonder repetities op het podium. Carlo en ik hadden het idee dat de hele show naar de gallemiezen ging. Achteraf gezien zwaar overdreven, maar wij benne artiesten, hè. Dus wij – jong en ongeduldig en zwaar dramatisch – gingen flink klagen op kantoor. Alleen: degene die erover ging, was op familiebezoek aan de andere kant van de wereld. Joop van den Ende hoorde ervan en trekt zich de sfeer in een cast altijd heel erg aan, dus hij liet die arme vrouw meteen terugkomen. Vijftien uur had ze moeten vliegen, ze was pas drie dagen daar...
Doodmoe en zwaar geïrriteerd zat ze op haar kantoor. Wij zaten op onze beurt weer doodsbang tegenover haar, ze was een pittige en explosieve tante. Ze vertelde wat ze van Joop had gehoord, en ik hoorde mezelf zeggen: 'Neeee joh, heb ík dat gezegd?' En Carlo: 'Volgens mij hebben we dat écht niet zó gezegd!' We voelden ons enorm rot toen we van haar hoorden dat zij vijftien uur gevlogen had en maar een paar dagen van haar familie had kunnen genieten, en durfden daarom geen schuld te bekennen. We namen de weken erna geregeld een bloemetje of chocolade voor haar mee. Puur uit schuldgevoel. Uiteindelijk heb ik haar na een hele tijd pas uitgelegd hoe het was gegaan, waarom zij halsoverkop terug moest komen. Carlo en ik boden aan om een nieuw ticket te kopen, zodat ze weer naar haar familie kon. Maar daar had Joop al voor gezorgd.
Naarmate ik ouder word, heb ik veel liever dat het ongemakkelijk en helaas soms pijnlijk is, dan dat ik om de hete brij heen moet draaien en iets zeg wat niet klopt. Eerlijk zijn kost meer tijd en is soms ongemakkelijk, maar het scheelt anderen en jezelf een hoop gedoe. Zo, en nu ga ik de sleutel van het slot van Bobby's fiets boven op de kast leggen, want we moeten naar een verjaardag in Noord en hij wil zelf fietsen, en omdat ik het nog steeds takke-stressvol vind als hij naast me moet fietsen in deze drukke stad, zeg ik: 'Aah, wat jammer, je slot gaat er niet af, je moet bij mij achterop, Bob!' Volg me voor meer leugens. Ik bedoel: opvoedtips.
Dit editorial komt uit &C's gloednieuwe augustusnummer 'Zeg eens eerlijk', dat vanaf woensdag 16 juli in de winkels ligt te shinen. Kun je niet wachten tot morgen? Bestel 'm dan vast hier online:
scoor &C’s nieuwste nummer nu hier!
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))