Door: Anna Karolina Caban
Ik kijk naar het gezicht van de moeder van Alejandro en zie de tekenen van haar verdriet erin gegraveerd als diepe modderige groeven. Ook zij is ooit jong geweest. Ook zij heeft liefde, hoop, verdriet, plezier en teleurstelling in haar leven gekend. Ze begint aan haar levensverhaal alsof ze nog iets aan wijsheid na wil laten voordat de trouwerij plaatsvindt. Als een versteend kind hoor ik haar aan, alsof ik luister naar een sprookje van de gebroeders Grimm.
'De vader van Alejadro was een sterke, angstaanjagende man. Een mooie man, dat helaas ook. En dat was gewoonweg zo zichtbaar dat wanneer hij over straat liep de vrouwen zich als het ware aan hem opdrongen. Zonder gene. Het maakte niet uit dat ik ernaast liep. Overal waar wij kwamen, begonnen de ogen te schitteren. In het begin dacht ik nog dat het wel een keer op zou houden, maar het is nooit weggegaan. Ik dacht: als ik maar genoeg van hem hield, als ik maar zo aantrekkelijk mogelijk voor hem bleef, als ik maar niet zeurde en hem alles gaf waar hij om vroeg, dan zou alles goed komen. Maar je kan een man niet veranderen en ik kon niet anders dan het accepteren. Ik leerde ermee omgaan, maar ergens diep van binnen wist ik dat hij mij keer op keer bedroog.’
\Waarom ben je gebleven?' Zij wijst naar het glaasje water en ik houd het onder haar droge gebarsten lippen. Heel langzaam laat ik het vloeistof in haar mond glijden, waarvan de helft over haar rimpelige losse nekvel heen sijpelt. 'Kind toch. Dit is waar ik je voor wil waarschuwen. Want ook al ben je hier als vreemde en ken ik je niet, ik gun geen enkele vrouw deze hel. Ik zei nog tegen zijn vader; laat hem niet zo worden zoals jij. Maar hij was trots op hoe hij was. Hij genoot van alle aandacht en zag er geen kwaad in dat hij mij volledig leegzoog en vanbinnen uit vernietigde. Hij heeft mijn jongen, mijn kleine Ale die pas negen jaar oud was, van mij afgenomen en bijna als een hond afgetraind om te worden tot het beest dat hij is. Maar ik zie iets aan hem nu. Ik zie dat er iets anders met hem is wanneer hij in jouw aanwezigheid verkeert.'
Lees ook: Anna Karolina #382: iedereen is op zoek naar liefde
Ze begint ineens heel hard te hoesten en ik wil eigenlijk zeggen dat ze nu rust moet nemen, maar het verhaal heeft mij zo gegrepen dat ik niet kan wachten om de rest te horen. Een diepe zucht volgt en gelukkig vervolgt zij haar verhaal. 'Iedere keer wanneer mijn zoon hier op bezoek komt, voelt het alsof het kwaad zelve binnenstapt. Ook al is het mijn eigen vlees en bloed, ik voel aan alles dat hij zielloos door het leven gaat. Al het bloed dat aan zijn handen kleeft. Alle ellende. De families die hij heeft verwoest. De vrouwen die hij heeft vermorzeld met zijn bestaan. Hij is de grootste narcist die ooit heeft rondgelopen. Erger dan zijn vader.'
Ik slik en denk terug aan Daan. Mijn eerste affaire ooit die mij toen al deed veranderen van bruisend en gelukkig in klein en angstig. Ik kies ze uit. Ik doe dit zelf. Niemand dwingt mij om te vallen voor deze mannen en toch hebben zij een magnetische kracht op mij. Het is het gevaar dat om ze heen hangt als een zware sluier waar ik blijkbaar onder wil schuilen, maar waar ik alleen maar duisternis vind. Het heeft weinig met hen te maken. Het zit in mij. 'Hou je van hem? Hou je van mijn zoon?' Ze stelt haar vraag zo abrupt dat ik ervan moet lachen. 'Pardon?' antwoord ik door mijn ongemakkelijke gelach heen.
'Nee, niet terugkrabbelen nu kind, want net als ik eerder zei, alleen liefde kan hem helen. Maar als jij hier bent om totaal andere redenen, dan moet je wegwezen. En heel snel ook, voordat het te laat is. Je denkt misschien dat je hem kan veranderen als een soort grappig experiment, maar hij zal je tot op het bot opvreten. Alleen wanneer je daadwerkelijk oprecht gevoelens voor hem hebt kan je de werkelijkheid en de toekomst van mijn jongen en van jezelf veranderen. Want als hij eenmaal echt de jouwe is, dan zal hij dat voor altijd zijn.’
Wordt vervolgd.
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))