Door: Anna Karolina Caban
De zon brandt op mijn huid. Eindelijk. Eindelijk vakantie. Ik heb zo hard gewerkt het afgelopen jaar dat de vermoeidheid in mijn lijf hangt als een zak met zware bakstenen. Zelfs een vuilniszak naar de container dragen voelt als een heuse pelgrimstocht.
Het Griekse eiland waar we verblijven lijkt precies te weten wat ik nodig heb. Warmte, rust en vooral niks, helemaal niks. De enige gedachte die door mijn hoofd dwarrelt is de vraag wat ik zal eten tijdens de lunch.
Ik neem een slok van mijn prosecco. De koelte van de vloeistof kietelt mijn gehemelte. Ik zucht vol gelukzaligheid.
Mijn baan op de redactie is zenuwslopend. Iedere ochtend start ik om 06:00 en ben ik als laatste weg. Van negen tot vijf werken klinkt als muziek in mijn oren, dan als iets wat ik zou moeten ontwijken.
Ik wilde altijd vrijheid, maar laat dat juist hetgeen zijn wat ik al jaren mis. Ik wil schrijver zijn. En niet op een redactie, nee, een schrijver van boeken. Nog een paar jaartjes en dan moet het gebeuren. Het moet.
Katja kijkt moe uit haar ogen.
‘Waar zullen we vandaag gaan eten?’ vraagt ze loom.
‘Laten we dat tentje proberen waar we gisteren voorbijliepen. Dat helemaal vol zat,’ antwoord ik dromerig.
‘Oké,’ ze knikt, zet haar zonnebril weer op en lijkt weg te vallen in een siësta.
Ik staar naar het water. De schittering van de zon creëert diamanten golven. Dan ineens valt er een grote schaduw over mij heen.
Een man met een hoed op en een linnen shirt staat om zich heen te kijken. Zijn benen zijn gespierd en zijn houding trots en zelfverzekerd. Het is het eerste waar ik naar kijk als ik iemand nieuws in me opneem. De houding. Je kan er zoveel aan aflezen. En aan deze man voor me kan ik meteen zien dat het iemand is die vol is van zichzelf en het blijkbaar geen punt vindt om in mijn licht te staan.
‘Excuse me,’ zeg ik met een duidelijk geïrriteerde intonatie.
Hij doet alsof hij me niet hoort, graait in zijn strandtas en haalt er een boek uit.
‘Joehoe,’ zeg ik nu iets harder.
Hij draait zich om. Waar ik een norse kop verwachtte zie ik een stralende glimlach.
‘Hoi, kan ik jou iets vragen?’ zegt hij met een diepe aangename stem.
Ik ben even verrast door het feit dat de man Nederlands spreekt.
‘Hoe weet u dat ik Nederlands ben?’ vraag ik argwanend.
Hij knikt met zijn hoofd richting het boek dat aan mijn voeten ligt op het strandbedje.
Ik lach flauw en knik.
Hij gaat ietwat door zijn knieën en leunt tegen mijn bedje. Nu pas valt me op hoe opvallend knap deze man is. Niet zozeer hunk knap zeg maar, maar een schoonheid die pas zichtbaar wordt als je wat langer en bewuster naar hem kijkt.
Die groene ogen, lachrimpeltjes, lange wimpers, krachtige kaaklijn, vakantie stoppels, een gebronsde borst dat duidelijk welgevormd is, ook al hangt er een losvallend linnen shirt overheen.
‘Mag ik even je telefoon lenen? Ik heb de mijne in de hotelkamer laten liggen en mijn vrienden zouden hier allang moeten zijn.’
Heel even denk ik aan alle foute truckjes die tegenwoordig uitgehaald worden om je mobiel te jatten, als ik nog een keer in zijn ogen kijk en dan ineens het zie.
‘Maar u bent Richard van der Poel! Dé thrillerschrijver van Nederland!’ roep ik ineens uit.
Hij plaats zijn wijsvinger tegen mijn lippen en een golf van opwinding overvalt mij.
Ik volg de man op social media. Hij is verreweg de beste thrillerschrijver van het land en zo te zien ook de meest begeerlijke. Natuurlijk heb ik wel foto’s van hem gezien, maar zo in levenden lijve is de man niet te doen zo charismatisch en smakelijk. Mijn eigen schrijversbrein werkt ineens op volle toeren. Het verhaal van ons tweeën wordt binnen een seconde geschreven. Ik zie onze naakte lijven verstrengeld in elkaar. Voel zijn handen overal. Zijn tong kriebelt mijn lippen…
Met een open mond overhandig ik hem mijn mobiel.
‘Dank je. Ik ben zo terug.’
Hij stapt opzij en belt zijn vrienden. De knoop in mijn maag draait, als een tot leven gekomen oude vastgeroeste locomotief, grote cirkels. Het is zelfs zo erg dat ik er instant misselijk van wordt.
Is dit hoe het voelt wanneer Cupido eindelijk een pijl raak schiet?
Wordt vervolgd
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))