Door: Anna Karolina Caban
De rest van de dag ben ik volledig in de ban van de man die ineens in mijn leven is verschenen. Eenmaal thuis struin ik het hele internet af, maar ik kan helemaal niets over hem vinden, behalve wat vage foto’s van landschappen en mooie architectuur.
Het pleit voor hem dat hij niet, zoals de meesten, zijn hele socials vol heeft staan met selfies en blije groepsfoto’s. Het maakt hem alleen maar interessanter en het hele voorval des te prikkelender.
Na mijn vorige uit de hand gelopen relatie — of hoe je het wilt noemen — had ik besloten om nooit meer zoveel moeite te doen voor iemand. Als iemand mij leuk vindt, dan moet de ander nu maar over de brug komen. Ik ben het zat om steeds de initiator te zijn en uiteindelijk met lege handen achter te blijven, en vooral met een lege energietank. Maar iets aan dit hele gebeuren laat me zo stuiteren dat ik mezelf niet kan inhouden en voor ik het weet stuur ik hem een DM.
'Sorry, maar hebben wij elkaar ooit eerder ontmoet?'
'Ja, we hebben elkaar ontmoet. Maar dat is vele jaren geleden. Het kan zijn dat je me vergeten bent. Ik ben niet meer de man die ik was.'
'Wat mysterieus.'
Ik zucht even en tel tot tien voordat ik het volgende bericht stuur:
'Drankje doen dan maar?'
Niks. Helemaal niks. Ik zie dat hij het gelezen heeft, maar er komt geen antwoord. Na twintig minuten met mijn telefoon in mijn hand te hebben gezeten, smijt ik hem weg op bed.
Zie je wel. Ik had ook beter niks kunnen sturen. Nu zit ik met de gebakken peren.
Lees ook: Sexy time - De stalker #1: 'De hitte die hij veroorzaakt, is niet te negeren'
Ik droom de hele nacht van de vreemdeling. Bij het ontwaken voel ik me onrustig en baal ik dat een korte ontmoeting zo’n invloed op me heeft. Woest pak ik mijn vibrator en leg die tegen mijn duidelijk opgefokte klit aan.
Ik zie zijn serieuze blik voor me. Zijn lijf dat niet zozeer gespierd is, als wel krachtig en breed. Er is iets aan deze man wat me knikkende knieën geeft. Dit kan toch geen toeval zijn. Hij kent mij. Ik sluit mijn ogen.
Ineens bevind ik me op het feest. Het gemaskerde feest op Ibiza, jaren geleden. Ik zei nog tegen mijn vrienden dat ze alleen moesten gaan en dat ik totaal geen zin had in vaag gedoe, maar ze sleurden me mee. Daar liep ik met twee gay koppels richting een club waar ik nog nooit van had gehoord. De sfeer was broeierig en ietwat onwennig. Er hing een soort magnetisch gevaar in de lucht, maar ik kon mijn vinger er niet op leggen.
Het apparaat doet wat het moet doen en ik voel dat ik bijna ga komen. Maar ik wil nog niet komen. Ik wil verder, dieper in het verhaal dat zich in mijn hoofd afspeelt. Iets zegt me dat ik hem daar ga tegenkomen. De dagdroom wil me duidelijk iets vertellen en ik verplaats mijn roze vriend richting mijn hongerige ingang. Heel langzaam duw ik hem naar binnen en zucht.
Dan voel ik zijn blik weer op mij rusten. Een blik van een gemaskerde man die een paar meter verderop nonchalant onderuitgezakt op een lederen fauteuil zit. Er hangt een dame om hem heen die haar hand door zijn haren haalt. Maar zijn ogen blijven op mij gericht. Het loeistrakke korte zwarte jurkje dat ik van mijn vrienden aan moest die nacht lijkt in de lucht op te gaan. Zijn blik boort zich door het dunne stukje stof heen en ik voel me naakter dan naakt. Hij staat op en loopt mijn kant op.
Ik hou het niet meer en plaats mijn vibrerende hulp tegen mijn inmiddels harde knop. Jij bent het. Het kan niet anders. Hij is het. De man die ik heb laten gaan. De man die mijn dromen maandenlang heeft beheerst. Ook al heb ik hem toen niet gevoeld, de energie is hetzelfde.
Ik open mijn ogen en kom kermend hard klaar.
Het universum haalt een grap met me uit. Ik moet hem zien. Het moet. Ik laat hem niet voor de tweede keer lopen.
Woehoe, onze columnist Anna Karolina heeft een nieuw boek uitgebracht. Wilde Bloesem winnen? Meedoen kan hier.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))