Door: &C Redactie
Liegen. We doen het allemaal. Een leugentje om bestwil is alleen wel even wat anders dan het optuigen van een complete schijnwerkelijkheid. Karin Rus duikt in de psychologie achter de leugen.
Lang voordat ik Jort ontmoette, kende ik hem al van gezicht. Maar vooral kende ik hem van de verhalen. Hij had een goede baan in de medische onderzoekswereld, kon prachtig piano spelen en maakte indrukwekkende schilderijen. Mensen hadden het over hem. Jort viel op. Om al die indrukwekkende skills, om hoe hij eruitzag – groot, knap en gespierd – maar net zo goed om wat hij allemaal meemaakte en hoe hij daarover vertelde.
Een van mijn vriendinnen begon met hem te daten, waardoor Jort ook mijn leven in banjerde. Zo kwam ik erachter dat hij als kind werd mishandeld door zijn vader, die in een Jappenkamp was geboren. En dat hij geneeskunde had gestudeerd, maar die studie vanwege een incident tijdens zijn stage in Zuid-Afrika niet had kunnen afmaken. Over de details kon hij niets loslaten in verband met de nog lopende rechtszaken. En zo waren er nog een stuk of wat claims die hij verkondigde, die we pas echt in twijfel trokken toen we hem betrapten op kleinere leugens.
Dat zijn vriend door het ijs was gezakt en hij daarom te laat was – de vriend in kwestie wist van niets. Dat zijn laatste relatie uitging, omdat zij snel kinderen wilde en hij nog niet. We kwamen deze ex tegen en zij bleek überhaupt geen kinderwens te hebben. En zo kan ik nog wel even doorgaan. De geboorteplaats van zijn vader? Den Bosch. What the actual fuck?!
Glashard in iedereens gezicht liegen, Jort deed het zonder blikken of blozen. Voor het bij elkaar verzinnen van indrukwekkende ‘feiten’ om interessanter, avontuurlijker en bewonderenswaardiger over te komen had hij geen sociale media of andere online tools nodig. De eerste paar keer dat mijn vriendin hem met een leugen confronteerde, ontkende hij. Toen ze met een hele stapel inclusief bewijzen aankwam, begon hij de waarheid te vertellen. Of tenminste, laten we het houden op een versie daarvan, want met hem weet je het nooit zeker.
Wat me uit zijn relaas het meest is bijgebleven? Dat hij niet meer kon stoppen, omdat het verhaal groter was geworden dan hijzelf. Maar waarom dan al die kleinere leugens, waarmee hij uiteindelijk door de mand viel? Helemaal duidelijk werd het niet, maar het had te maken met gewenning – als je altijd liegt stop je met de waarheid vertellen – maar ook met de hoop dat mensen hem ondanks alles zouden accepteren om wie hij was. En daar hoorde het liegen bij. Toen ik hem op de man af vroeg of hij dan gesnapt wilde worden zei hij: ‘Nee, natuurlijk niet!’ En dat maakte de verwarring wat mij betreft compleet. Ik houd het daarom maar op een schreeuw om hulp van zijn onderbewuste.
Waarom sommige mensen zo extreem liegen? Op die vraag geeft Michiel Hengeveld, psychiater en emeritus hoogleraar psychiatrie, antwoord in &C's nieuwste editie 'Wie ken je nou écht?'
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))