Door: Anne van Aartrijk
Danique is trotse moeder van Don, die ze met behulp van een donor kreeg. Niet als plan B, nadat het niet lukte om een partner te vinden, maar als plan A. ‘Mensen lijken niet te snappen dat ik het niet als iets nadeligs zie.’
Danique (32): ‘Als ik de juiste man niet vind, doe ik het gewoon zelf, grapte ik al op mijn zestiende. Waar mijn vriendinnen droomden van een gezin, droomde ik vooral van een kind. Waarom ik dat traditionele man-kind-beeld nooit zo voor me heb gezien, weet ik niet. Ik ben opgegroeid in een gezin volgens het boekje, en ook mijn zussen hebben inmiddels zulke gezinnen. Er zit vast iets van bindingsangst onder, maar ik heb in ieder geval nooit gedacht: oh, als het maar lukt om iemand te vinden. Nee, dacht ik, als ik er klaar voor ben, dan ga ik er gewoon voor. Met of zonder partner.
Ondertussen datete ik wel. De laatste keer dat ik langer contact met iemand had, is twee jaar geleden. Het was een prima kerel, maar niet iemand waarmee ik mezelf oud zag worden. Toch kapte ik het niet af. Ik heb altijd een grote mond gehad over stellen die bij elkaar zijn om het bij elkaar zijn, dat zijn er stiekem heel veel, totdat ik besefte: ik ben onbewust hetzelfde aan het doen. Ik ben toen een nacht naar een huisje aan zee gegaan, iets dat ik altijd doe als ik ergens mee zit, en daar begreep ik ineens waarom. Het was mijn biologische klok. Die tikte en zorgde ervoor dat ik, zonder dat ik het bewust doorhad, ons contact langer liet doorgaan dan ik eigenlijk wilde. Thuis beëindigde ik de relatie en besloot ik: dit is het moment om het alleen te gaan doen. Mijn zaakjes had ik al op orde, een koophuis, fijne baan, goede werk-privébalans en een sociaal vangnet dat wilde helpen, maar blijkbaar was ik er nu ook mentaal aan toe. M’n moeder en zussen keken niet bepaald gek op toen ik zei dat ik het proces in gang ging zetten. Ik zei het immers al jaren.
Weloverwogen
De eerste stap was googlen naar ervaringen van anderen. Ik kwam vooral verhalen van vrouwen van in de veertig tegen, die tot in den treure hadden gedatet, maar de juiste niet waren tegengekomen. Omdat de tijd nu echt tikte, waren ze er ‘dan maar’ alleen voor gegaan. Verhalen zoals die van mezelf, een vrouw met als het goed is nog genoeg vruchtbare jaren, waren amper te vinden. ‘Een donor, dat is toch nog niet nodig?’ klonk het ook in mijn omgeving weleens. ‘Je vindt echt nog wel iemand hoor, je hebt nog tien jaar.’ Het zit zo diep in onze maatschappij ingebed dat je kinderen mét een partner krijgt, dat mensen niet lijken te snappen dat ik het helemaal niet als een plan B of überhaupt iets nadeligs zag. Ook tijdens het intakegesprek met de fertiliteitskliniek lag de focus op: waarom nu al? Waarom zou je, als je nog zoveel andere opties hebt? Het leek bijna alsof ook zij me er vanaf wilden praten. Pas toen ze merkten hoe standvastig ik was, veranderde de toon. ‘We willen zeker weten dat het geen opvlieging is,’ legden ze uit, ‘maar een weloverwogen keuze.’ Dat was het, verzekerde ik ze. En dus mocht ik, na allerlei lichamelijke onderzoeken en een gesprek met de psycholoog, op zoek naar een donor.
Donor shoppen
Als het op donors aankomt, heb je ontzettend veel opties, ontdekte ik al gauw. Er zijn Nederlandse spermabanken, waar je doorgaans minder informatie over een donor krijgt en langer moet wachten, maar waar de kosten wel lager zijn. Maar het bekendst zijn de Scandinavische donorbanken, die groter en makkelijker in gebruik zijn. Daar ben ik voor gegaan, omdat je daar veel meer informatie krijgt. Denk aan medische dossiers, de motivatie om donor te worden en kinderfoto’s. Eigenlijk is het net een soort webshop. Je maakt een profiel aan en kunt vervolgens filteren op afkomst, huidskleur, oogkleur, intelligentie, links- of rechtshandig, bloedgroep. Echt, je kunt het zo gek niet bedenken of je kunt erop filteren. Je kunt zelfs een foto van jezelf uploaden, waarna ze je matchen aan iemand die esthetisch gezien op je lijkt. Vervolgens voeg je een donor toe aan je winkelmandje en kun je - geen grap - zelfs met Klarna betalen. Schandalig hè?
Ik vond het belangrijk dat mijn kindje op mij zou lijken. Omdat ik zelf geen blond haar en blauwe ogen heb, heb ik gefilterd op donker haar en donkere ogen. Van de paar profielen die ik overhield, had de donor die ik uiteindelijk heb gekozen de mooiste motivatie. Hij had al een gezin en heeft samen met zijn vrouw en kinderen besloten dat hij meer mensen die optie wilde bieden. Wel had hij een strenge limiet op moedercodes ingesteld, zodat er maar beperkt van hem kan worden afgenomen. Een moedercode is een unieke, anonieme code die je als ontvanger van het zaad toegewezen krijgt. Daarmee wordt de hoeveelheid kinderen van één donor bewaakt: er mogen per land bijvoorbeeld maar een paar moedercodes uitgegeven worden. Maar heb je eenmaal zo’n code, dan mag je wel onbeperkt beroep doen op het zaad van diezelfde donor, mocht je nog een kindje willen. Tenzij de donor besluit niet meer te willen doneren. Dat kan natuurlijk altijd.
Omdat ik nog relatief jong en vruchtbaar was, raadde de kliniek me aan drie tot zes ‘rietjes’ sperma te kopen. Dat staat gelijk aan drie tot zes pogingen, een range waarbinnen het bij een natuurlijke zwangerschap ook vaak raak is. Het is wel een aardige kostenpost, dus ik ben begonnen met drie. Mijn donor had genoeg voorraad, dus ik kon altijd opnieuw bestellen. Voor drie rietjes betaalde ik ongeveer 4.000 euro, waar nog transport- en opslagkosten bij kwamen. Uiteindelijk kwam het totaal neer op ruim 5.000 euro. Veel geld, maar vergeleken met de 15 tot 20 duizend euro waar ik volgens anderen rekening mee moest houden, viel het mee. Maar goed, dan moet je wel het geluk hebben dat het snel raak is. Dat had ik. Na poging twee was ik zwanger.
Baby op komst
Zo’n inseminatie zelf is heel klinisch: je gaat liggen, alles wordt steriel gemaakt en het rietje wordt ingebracht. Tegelijkertijd is het voor jou een ontzettend bijzonder moment en ben je je heel bewust van wat er gebeurt: je probeert een kindje te maken. Maar het was de positieve zwangerschapstest waar ik voor het eerst écht emotioneel van werd. Over het vinden van een donor heb je controle, maar daarna is het maar hopen dat het zich goed nestelt en dat alles goed gaat. Dat m’n droom nu uitkwam, en ook nog eens zo snel, raakte me.
Veel mensen vroegen of ik het zwaar vond, een zwangerschap zonder partner om me te steunen. Het antwoord klinkt misschien heel praktisch, maar zo ben ik: ik heb geen vergelijkingsmateriaal. Ik heb me nooit ingesteld op een zwangerschap mét partner, waardoor er ook geen momenten waren waarop ik iemand miste. Als je altijd hebt gedroomd van een gezin, dan is het waarschijnlijk heel confronterend om met een dikke buik een box in elkaar te moeten zetten, maar dat was het voor mij niet. Sterker nog, ik vond het heerlijk om door de Baby Park te lopen en stellen te horen ruziën over welk bedje ze wilden. Dat is dan weer het voordeel aan alleen moeder worden: je hoeft niets te overleggen. Eigenlijk is zwanger zijn me alles meegevallen, maar ik had gelukkig weinig last van klachten.
Het enige dat ik echt heftig vond, was de kraamperiode. Ik ben heel nuchter van mezelf, maar na de bevalling werd ik ineens overweldigd door de hormonen en het slaaptekort. Er was geen roze wolk, maar kraamtranen en gedachten als: heb ik wel de juiste keuze gemaakt? Kan ik het wel alleen? Gelukkig duurde dat maar drie weken. Bovendien hebben ouders die het wel samen doen, daar ook last van. Als je een kindje krijgt, verandert je hele leven. Daar kun je nou eenmaal onzeker van worden.
De juiste keuze
Inmiddels is Don vierenhalve maand en vind ik het moederschap het leukste ooit. Ik heb zo’n lief kind. Of nou ja, hij heeft ook al een temperament en af en toe moet ik mijn planning flink aan hem aanpassen, maar het cliché is waar. Als ik hem ‘s ochtends uit bed haal, hoeft hij maar één keer te lachen en ik ben de gebroken nacht vergeten. Ik wil er wel bij zeggen: ik heb een hele lieve, betrokken familie die hem af en toe een paar uur meeneemt, zodat ik even bij kan slapen en wat tijd voor mezelf heb. Mijn moeder woont om de hoek, dus als ik er doorheen zit, staat zij binnen drie minuten op de stoep. Helemáál alleen doe ik het dus niet. Had ik niet zo van hen op aangekund, dan had ik deze keuze ook niet gemaakt.
Vrouwen die een vergelijkbare stap willen zetten, zou ik dan ook aanraden daar goed over na te denken: zijn er mensen waarop je kunt terugvallen? Bij wie je kunt spuien als je een rotnacht achter de rug hebt? En ook: wil je écht alleen moeder worden, of wil je stiekem toch liever een kindje krijgen met een partner? Als je zeker weet dat je het alleen wil en alles op orde hebt, dan kan je het ook, daar ben ik van overtuigd. Oh, en als mensen het egoïstisch vinden om alleen een kindje te krijgen? Een kind krijgen is altijd egoïstisch. Er worden genoeg kinderen uit huwelijk geboren waar minder goed over is nagedacht en waar minder liefde naartoe gaat. Ik kan in ieder geval met zekerheid zeggen: mijn kindje is het meest weloverwogen, welkome kindje ooit.’
Meer weten over Daniques traject? Volg haar op Instagram en Substack, @mamaopmijnmanier
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))

