Door: &C Redactie
Van alles kan een relatie op scherp zetten. Toch hoeft een vette crisis niet het einde te betekenen. In de nieuwste &C, 'Liefdesgedoe', vertellen vijf koppels hoe ze een flinke hobbel namen en er samen sterker uitkwamen. Zo ook Robbie Stouten (37) en Femke Harleman (34) uit Deventer. Ze zijn even jaar samen en hebben een dochter van 1,5, Hansje.
Femke: 'Op onze eerste date zei ik al dat ik de wens had om moeder te worden.'
Robbie: 'We kregen een relatie, maar het idee van een kind benauwde me. We spraken af dat we het erover zouden hebben als je dertig was.'
Femke: 'Toen ik dertig werd, gingen we ervoor. In die periode begon ik hevig te bloeden. Ik was lang aan de pil geweest en dacht dat mijn cyclus weer op gang moest komen. Maar ik belandde op de spoedeisende hulp nadat ik te veel bloed had verloren. De volgende dag zou ik geopereerd worden, een vleesboom, dachten ze. Toen ik wakker werd uit de operatie, kreeg ik het slechte nieuws: baarmoederhalskanker.'
Robbie: 'Het was een kwaadaardige vorm. Je moest meteen beginnen met chemo.'
Femke: 'Ik zei: die kanker komt goed, dat ga ik rocken en dat laat ik over me heen komen. Het ergste vond ik dat ik onvruchtbaar zou worden en dat er geen tijd meer was om mijn eicellen in te vriezen. Ik hield me vast aan het idee dat er hopelijk ooit op een andere manier een kindje in ons leven zou komen.'
Robbie: 'We hadden net een huis gekocht, maar we gingen vanwege je ziekte weer bij je ouders wonen. Je ouders gingen weer voor je zorgen, maar dat wilde ik ook. Mijn rol werd minder duidelijk. Als ik een pyjama of een kruik voor je wilde kopen, had je moeder dat al gedaan. Natuurlijk was dat lief en goed bedoeld, maar ik voelde me soms buitenspel staan. Sowieso was communiceren moeilijk. Als je auto zei, bedoelde je fiets.'
Femke: 'Door de chemo was ik onvoorspelbaarder, ik had last van een chemobrein.'
Robbie: 'En ik werd een ander mens door de stress. Ontspannen kon ik niet meer.'
Femke: 'Ik kreeg veel steun en aandacht, terwijl jij er ook nog was.'
Robbie: 'We waren niet meer gelijkwaardig,'
Femke: 'Voor mijn ziekte was ik heel vrolijk en luchtig, ik vond alles goed. Maar door de chemo en bestralingen veranderde ik. Ik had geen ruimte voor andere dingen, ook niet voor jou. Ik vond je al gauw te veel. Er waren spanningen. Dat reageerde ik af op jou, want jij stond het dichtst bij. Gelukkig sloeg de behandeling aan en na een jaar konden we eindelijk in ons eigen huis gaan wonen. Toen begon ook ons draagmoedertraject. Draagmoederschap leek ons mooi. Via via vonden we iemand die eicellen wilde doneren en Robbie's zus heeft ons kindje gedragen. Het allergrootste cadeau.'
Robbie: 'Anderhalf jaar geleden werd ons dochtertje Hansje Mies geboren, vernoemd naar mijn zus Michelle.'
Femke: 'Ze is ons grootste geluk.'
Robbie: 'Dit is het begin van ons nieuwe leven. We waren altijd onderweg, keken niet verder dan de volgende doktersafspraak. Nu zijn we meer aan het leven. Tussen ons is het weer luchtiger, lichter.'
Femke: 'Tijdens mijn ziekteproces vroegen we elkaar regelmatig: is dit nog wel onze weg? Want word ik nog wel blij van jou en jij van mij?'
Robbie: 'Misschien is onze relatie niks meer waard,’ zeiden we soms. Maar daar hebben we nooit aan willen toegeven. We bleven tegen elkaar zeggen: we komen hier doorheen. We wilden niet dat onze relatie het zou verliezen van de kanker.'
Femke: 'Gelukkig is dat niet gelukt ik ben heel blij dat we samen zijn. Soms taai, lastig en zoeken, ook weleens gedoe en ingewikkeld, maar we kwamen er altijd samen uit.'
Adrian: 'Ik zeg weleens: we zijn gelukkiger dan ooit. Tuurlijk staan we soms niet in contact met elkaar. In periodes dat we druk zijn, hebben we weinig aandacht voor elkaar. Maar het voordeel van lang samen zijn, is dat we weten: dat gaat wel weer voorbij. Vooralsnog hebben we het idee dat we samen oud worden. Niks krijgt ons kapot.'
Meer lezen? Check het magazine hieronder.

:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))