Door: Eric de Munck
Met een sms’je van KLM waarin wordt aangekondigd dat mijn vroege vlucht vanaf Schiphol ‘helaas’ is geannuleerd, begint de dag waarop ik voor het eerst oog in oog zal staan met Hollywood-royalties Nicole Kidman en Sandra Bullock. Mijn enthousiasme maakt binnen drie seconden plaats voor pure doodsangst.
Terwijl ik mezelf al kalm en professioneel tegenover twee Oscarwinnaressen had gevisualiseerd, sta ik ineens met gierende stress en beginnende plakoksels op Schiphol. Zonder vliegtuig. Ik vraag me onmiddellijk af waarom ik dit soort dingen toch steeds blijf doen. Het antwoord weet ik gelukkig ook meteen weer: omdat het fantastisch is.
Twee uur, één omgeboekt ticket en inmiddels twee volledig doorlopen oksels later zit ik alsnog in een vliegtuig. Alsof er helemaal niets aan de hand is geweest, blader ik door mijn sleazy Engelse gossipmagazines. Die koop ik standaard veel te duur in Nederland, terwijl de meeste berichten al drie dagen gratis op internet staan. Maar voor echte glamour moet nu eenmaal financieel geleden worden, vind ik.
Het blijkt bovendien de perfecte voorbereiding op Londen, waar werkelijk álles overpriced en lichtelijk ordinair is. Een kop koffie kost er ongeveer hetzelfde als een retourtje Barcelona en ieder hotel doet alsof prinses Diana er persoonlijk nog iedere middag aan de Earl Grey zit. Maar goed, ik ben er niet privé. Dit is een werktrip. Ook wel bekend als een snoepreisje. Zo noemen mensen in ieder geval graag een buitenlandse werktrip waarbij je ’s ochtends voor dag en dauw naar Schiphol vertrekt, onderweg een lichte zenuwinzinking krijgt en ’s avonds laat weer thuiskomt met rugpijn, wallen en een magneetje voor je kind. Pure decadentie.
Het principe van zo’n op-en-neertje is simpel: je vliegt in één dag naar Londen, interviewt in een belachelijk luxe hotel de grootste wereldsterren en vertrekt daarna zo snel mogelijk weer richting huis. Gekkenwerk zou een normaal mens denken. Maar inmiddels ben ik behoorlijk bedreven in deze vorm van topsport. In een paar uur tijd moet ik alles voor RTL Boulevard regelen, enigszins toonbaar voor de camera verschijnen én voldoende souvenirs verzamelen om thuis de indruk te wekken dat ik tijdens mijn afwezigheid voortdurend aan mijn kind heb gedacht. Wat natuurlijk ook zo is. Met een beetje geluk weet ik tussendoor ook nog ergens een vet en ongezond Brits ontbijt naar binnen te schransen. Want als je dan toch voor je werk naar Londen wordt gestuurd, kun je maar beter thuiskomen met een Harry Potter-sleutelhanger én dichtgeslibde kransslagaders.
Dit recentste avontuurtje draaide om Practical Magic 2, die sinds deze week in de bioscoop te zien is. Nooit eerder had ik Nicole Kidman of Sandra Bullock in levenden lijve mogen aanschouwen. Ik was dus stiekem behoorlijk nerveus, want bij dit soort interviews weet je nooit hoe de vlag erbij hangt. Sommige sterren ontvangen je alsof je persoonlijk hun hond hebt uitgelaten. Anderen kijken tijdens het gesprek voortdurend naar hun publicist, alsof die ieder moment toestemming kan geven voor een voortijdige evacuatie. En dan heb je nog de exemplaren die zo mediagetraind zijn dat ze vijf minuten lang praten zonder ook maar één werkelijk antwoord te geven. Een talent waar overigens ook menig Nederlandse politicus een succesvolle carrière aan te danken heeft.
Maar bij Nicole en Sandra verliep alles als een zonnetje. Geen uren vertraging, goede koffie, een uitstekende lunch en vriendelijk personeel. Het was bijna verdacht. Precies na die lunch mocht ik als eerste naar binnen, wat bij interviews altijd een risico is. Je kunt sterren aantreffen op het moment dat ze nog fris en fruitig zijn, maar ook wanneer ze net ontdekt hebben dat er koriander in de salade zat.
Gelukkig waren beide Hollywoodheldinnen bijzonder goed gehumeurd. Ze complimenteerden zelfs mijn redelijk standaard outfit, die ik vanaf dat moment vanzelfsprekend beschouwde als een hoogtepunt binnen de internationale modegeschiedenis. Anna Wintour heeft nog niet gebeld, maar ze zal het vermoedelijk druk hebben. Het gesprek vloog voorbij, want voor interviews met wereldsterren krijg je doorgaans ongeveer vijf minuten. Daarin moet je een introductie doen, originele vragen stellen, goed luisteren, doorvragen en ondertussen proberen niet alleen maar te denken: dit zijn Nicole Kidman en Sandra Bullock!
Toen onze tijd erop zat, mocht ik van Sandra zelfs nog één extra vraag stellen. Een klein gebaar voor haar, maar voor mij voldoende om de rest van de dag rond te lopen alsof ik zojuist persoonlijk was toegelaten tot de inner circle van Hollywood. Nog één gezamenlijk kerstdiner en Sandy en ik zijn officieel beste vrienden.
Twaalf uur nadat ik er die ochtend aankwam, sta ik alweer op Heathrow. Met een koffer vol apparatuur, souvenirs voor thuis en waarschijnlijk een veel te dure zak Engelse chips vraag ik mezelf opnieuw af waarom ik dit in hemelsnaam blijf doen. Waarom ik mezelf vrijwillig onderwerp aan geannuleerde vluchten, haastige taxiritten, interviews van vijf minuten en werkdagen waarbij je vaker op een vliegveld bent dan in de stad waarvoor je gekomen bent. En opnieuw is het antwoord heel simpel. Omdat ik de beste baan ter wereld heb.
Omdat ik nog altijd het jongetje uit de Achterhoek ben dat gefascineerd naar Hollywoodsterren op televisie keek en zich nauwelijks kon voorstellen dat hij ze ooit in het echt zou ontmoeten. Laat staan dat Nicole Kidman mijn outfit zou complimenteren en Sandra Bullock mij vrijwillig langer dan strikt noodzakelijk te woord zou staan. Het is soms stressvol, vermoeiend en volkomen krankzinnig. Maar het is óók een jongensboek. Of nou ja, dat van mij.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))