Door: Carmen Felix
Moet je in de liefde je verstand gebruiken, of je hart achterna gaan? In Carmens liefdesleven is het een beetje van beide.
Er zijn twee versies van mij: de dolende romanticus en de nuchtere boerin. Je zou denken dat dat een onmogelijke combinatie is - alsof je met naaldhakken in de modder probeert te dansen. Maar geloof me, ik heb het gedaan. Meerdere keren. En meestal op zompige grond.
Toen ik nog single was, geloofde ik heilig in de klik. Connectie. Hartslagversnellers en nachtenlang appen over je favoriete soep, standje of zanger. In de praktijk vond ik die klik vooral bij mannen die achteraf toch net iets beter bij iemand anders pasten. Niet verkeerd, hoor. Geen stomme types. Gewoon niet voor mij. Het soort man van wie je denkt: als jij een trui was, dan zat je me net iets te strak bij de oksels. Maar hé, ik trok 'm toch aan. Een paar keer. Spijt? Geen seconde.
Ik heb alles meegemaakt: gehuild, gezoend, geleerd én vol overtuiging een beetje aangerommeld in de liefde. Noem het gerust functioneel geslet, met een gezonde dosis zelfkennis en af en toe een hart dat even opnieuw opgestart moest worden. Helemaal prima, zeker als je uiteindelijk gewoon je shit op orde krijgt én de liefde van je leven tegenkomt. Ik was achtentwintig toen dat gebeurde. Geen vuurwerkman, maar een kampvuur. Warm, rustig, en ik hoefde er niet constant op te blazen om het brandend te houden.
Wat misschien verrassend is: eenmaal in een relatie ben ik dus hartstikke nuchter. Dan ben ik die vrouw die bij een ruzie denkt: oké, rustig aan, is het al klaar? Kunnen we het gewoon weer even goedmaken? Want dit kost me te veel energie. Romantiek is leuk, maar praktisch zijn is lekkerder. Misschien komt dat door m'n vader. Die had bij iedere nieuwe crush van mij maar één boodschap: 'Eerst maar even je studie afmaken. Liefde loopt niet weg.' Dan keek hij me aan met zo'n blik alsof ik net had voorgesteld om een blok heroïne te kopen in plaats van mijn schoolboeken.
Nu moet je weten: mijn vader was ook een Weegschaal, net als ik. En hoewel ik astrologie honderd procent bullshit vind, voel ik me tóch altijd een beetje gezien als iemand me vertelt dat Weegschalen hopeloos romantisch zijn. Ik bedoel: ja. Alles draait om balans, om schoonheid, om verbinding – maar dan wel in evenwicht. Mijn vader had dat ook, denk ik. Zijn versie van romantiek was gewoon wat... vertraagd - tenminste, dat werd-ie toen hij ouder werd. Eerst zekerheid, dan het zwijmelen. Eerst de plicht, dan de passie.
En weet je? Misschien is dat helemaal zo gek nog niet. Want als ik iets geleerd heb in de liefde, dan is het dit: je kunt pas echt met je hart kiezen als je een beetje snapt wat het aan het doen is. En daarvoor heb je af en toe gewoon je hoofd nodig. Plus iemand die je eraan herinnert dat zelfs hopeloze romantici beter functioneren met een diploma op zak en al hun rekeningen netjes betaald.
Shop &C's editie 'Liefde op bestelling' hier!
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))