Door: Chantal Janzen
Van mijn eerste vakantieherinnering weet ik niet zeker of hij echt is of dat ik ’m ken van foto’s. Maar die caravanrit naar Spanje voelt zó levendig dat het bijna niet anders kan. Mijn vader achter het stuur, mijn moeder ernaast en wij met z’n tweeën achterin. Theedoeken tussen de ramen tegen de zon, want geen airco. En toch: ik vond het heerlijk. Dat het nog zó lang duurde voordat we er waren en dat dat juist het leukste was. Op de camping was Angelo mijn eerste vakantieliefde. Ik was denk ik vier en compleet onder de indruk van zijn donkere haar en ogen.
Later bleven we dichter bij huis: Scheveningen, Knokke. Ik denk ook omdat mijn ouders dit minder kostte. En als kind maakt dat dus echt niks uit. Die Noordzee, waarvan ik nu denk: best grauw, vond ik toen fantastisch.
Maar vakanties zijn niet altijd idyllisch. Zo was er die in Italië waar ik er nogal ingeluisd was qua accommodaties. Extra frustrerend, omdat ik juist altijd alles tot in de puntjes uitzoek. We kwamen aan bij een huis waar niks omheen stond, behalve een krakkemikkige bouwval met een soort spookterras vol dode, aangevreten vogels. Daarna een trullo. Klinkt leuk, maar trap er niet in: het is net een smurfenhuis. Lage plafonds, iedereen die z’n hoofd stootte en… bedwantsen.
De kinderen zijn gelukkig geen verwende kinderen, we kunnen meestal snel ergens om lachen. Maar ja, tot Marco en ik in bed lagen en dachten: hebben wij nou ook jeuk? Dus heb ik midden in de nacht terwijl het buiten keihard onweerde – in augustus, in Zuid-Italië! – tickets geboekt naar Zuid-Frankrijk. Naar het duurste hotel in Cannes. Bijna alles wat ik had verdiend met een film ging er in één klap doorheen. Maar wat was het hemels. Omdat het schoon was. Omdat de zon scheen. Omdat we ontsnapt waren. Het werd onze leukste vakantie tot nu toe.
Ik ben echt een zomermens. Zodra de zon schijnt, verandert alles. Ik lees meer, lig langer in het zwembad, speel meer met Bobby. Alles mag trager, langer, zachter. En ja, op vakantie laat ik de teugels vieren. Ik eet meer – pasta, croissants, friet – en hoewel ik eigenlijk nooit alcohol drink, vind ik een slokje wijn bij het eten dan ineens wel lekker. Of een Bellini op een terras.
Waar ik dan écht niet tegen kan? Mensen die zich gedragen alsof de wereld om hen draait. Personeel afsnauwen, zo hard praten dat iedereen moet meeluisteren, staand op de banken dronken met een servet staan te zwaaien en blaten dat ze nóg een drankje willen. Dat hele opgeblazen ‘kijk mij eens’-gedrag. Ik trek dat heel slecht. En ja, daar zeg ik ook wat van. Waar Marco zich dan altijd een beetje voor schaamt. Totdat ík niks zeg, en híj het ineens doet. Maar het meest bij de zomer hoort de pauzeknop. Alles even ‘uit’. Misschien is dat het wel: dat je even nergens anders hoeft te zijn dan precies daar waar je bent. Fijne zomer allemaal! Vind die pauzeknop en vergeet ‘m niet in te drukken. Ook die van je kinderen.
Deze editorial vind je in &C's Zomerboek, dat vanaf vandaag in de winkels ligt.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))

